Categorieën
Muziek

De vlucht van de zwaluw

DC Swallow zegt u. Ja, DC Swallow. De ‘D’ staat voor Dave en de ‘C’ voor Cornwell, en die Swallow, dat is een zwaluw. Daar heb ik ooit de betekenis ook wel eens van geweten, maar die is verzwolgen in de zeeën van tijd en decadentie.

In 1807 schreef DC Swallow al in zijn blog dat het eens tijd werd dat hij zichzelf ‘toont’ aan de eventueel geïnteresseerde wereld. Hij loopt immers al heel zijn leven te ‘kunstenaren’ en te crëeren en te scheppen, maar heeft de vruchten van zijn brein nog maar zelden gedeeld met de medemensch. And slowly but surely komen de dingen samen.

Maar waarom DC Swallow op een website die schrijft over Kempense kunst met een hoofdletter? Wel, gewoon omdat de ondertussen al jaren in Gent vertoevende muzikant eigenlijk gewoon afkomstig is van Beerse, u weet wel, achter het koperfabriek tweede gracht links en daar moet ge het nog maar eens vragen.

Ik leerde Dave kennen in de nevelige jaren negentig toen ik als dichtende punkgitarist in een reggaegroep terecht kwam. Op een ochtend na een geweldig feest in een bos ergens, stond een jonge DC met een cassette in zijn handen aan onze auto, die net ingeladen was. Toffe pee, cassette in het deck en wat ik toen ontdekte was geniaal: stampende techno, gelaagde geluiden, muzikale waanzin, … het feest begon gewoon terug van voor af aan.

Enkele maanden later nodigde ik Dave uit voor een jamsessie, waar geloof ik ook zijn broer Vince – aka Zimbob, maar daarover later een artikel – op aanwezig was. Die jamsessie is de reden wellicht dat er in Vlaanderen destijds strengere geluidsnormen werden opgelegd, maar man, was dat legendarisch. Ik moet nog altijd lachen als ik daar aan terug denk.

Maar schone liedjes duren niet lang, en even later trok in mijn rugzak aan en trok de wijde wereld in, met als extra een extra lange mixtape van DC’s nummers, die me in de clubs in Singapore en Bali onmiddellijk een hele schare trouwe vrouwelijke volgelingen bezorgde. DC Swallow werd door de collega’s van de experimentele dubband Dubtales opgepikt en de rest is geschiedenis. De combinatie van dance en dub was een hit en met Dubtales toerde DC Swallow in Vlaanderen en Nederland. Hun naam en faam waren terecht groot. Dit succes kende een internationaal vervolg met Plastic Buddha en hun fantastische ‘Throwing stones in placid pools’.

In de jaren die volgde kwam ik Dave nog regelmatig tegen, vooral online. Hij was verkast naar Gent waar hij in zijn zolder muziek bleef maken, zonder enige toegift aan de commercie, quasi enkel en alleen met hardware keyboards en samplers, zonder al te veel vooraf geprogrammeer. Ene van de oude stempel, zoals we dat hier zeggen. Qua stijl is DC Swallow wat rustiger geworden tegenover zijn jonge jaren, maar muzikaal blijft hij heel uitdagend, en humoristisch. Check zijn dance-versie van ‘Laat ons een bloem’ van Louis Neefs anders eens.

Op YouTube en op SoundCloud laat hij regelmatig iets los, maar heel regelmatig is The Swallow niet. Maar als het er komt, dan is het goed, en zijn de vele fans blij en gelukkig. Onder die fans niet de minstens, zo weet ik dat Eduardo Delvino, de geniale producer van het Nanouchi Label, een grote fan is, en al jaren via allerlei slinkse omwegen Dave in zijn studio probeert te krijgen.

Zijn we al bij het einde? Ok, dan wil ik Dave nog even bedanken voor zijn vele jaren prachtige muziek. Ik hoop dat er stillekesaan eens iets wordt gedaan aan zijn voorspelling uit 1807. Dave, onze aandacht heb je al.

En allez, om het volledig te maken. Hier ook nog even de SoundCloud van DC Swallow …

… enjoy!

Niet voor watjes …
Categorieën
Woord

De Stronthoek Case

Cardinal hadden we opgenomen. Dat kon wel even wachten want vanavond werd een crimineel raadsel van een ander kaliber ontrafeld. Wie had de dode in de Stronthoek op zijn geweten? Sinds Stormloop 2019 hield het ons bezig.

De postkaarten met duistere tips, die indertijd als een bloederige rode draad door het kunstenparcours liepen, brachten ons alleen maar meer in verwarring. In het kader van ‘De nacht van het Kempens Erfgoed’ zou er eindelijk opheldering komen. Dra zouden we de identiteit van de moordenaar vernemen. Wie doodde Gust Schoen?

Natuurlijk hadden we ook het boek kunnen lezen. Maar we vernamen het toch liever van Jef met zijn Kempens, naar het Turnhouts neigende dialect.

Eén dode was voor Jef genoeg. Daarom had hij de stoelen in de Lakenhal ver van elkaar geplaatst. Bovendien was maar de helft van de toch al schaars aanwezige zitplaatsen bezet. De angst voor ziekte en ander onheil zat er goed in. Er was al genoeg ellende in de wereld.

Wij voelden ons nochtans veilig, zo op onze stoel, bij Jef. In aanwezigheid van deze Sherlock kon ons niets gebeuren. Bloedstollend hoe hij, samen met zijn kompaan Ernest Claes, de Stronthoek-case ontrafelde. Een true crime story bol van intriges, listen en bedrog. Dit alles heel toepasselijk in het decor van het Herentalse Erfgoed anno 1919. Fons Flapoor, Melanie Smoskop, Jakke Vos, ze zaten er allemaal voor iets tussen. Hoe precies? Daar moest Jef soms ook even voor in zijn papieren kijken.

In elk geval, losliggende kasseien zijn extreem gevaarlijk en ideaal als moordwapen.

We hingen een dik uur aan Jefs lippen die deze heerlijke thriller zo begeesterd vertelde alsof hij hem zelf had verzonnen.

Wegens omstandigheden was er geen gelegenheid om bij te komen bij pot en pint. Dus keerden we huiswaarts, goed oplettend voor losliggende kasseien. En we vergaten haast voor even dat er een killervirus op de loer lag.

Jo Lamers

Categorieën
Muziek

Majestoso

Robin Verheyen, solo in de Kapel.

Foto: JLV, hergebruik mag mits Duvel

Vandaag stond saxofonist Robin Verheyen, bekend van zichzelf en van Taxi Wars, solo op de planken van de Kapel in Herentals. Inderdaad, solo, als saxofonist. Gedurfd dus. Robin werkt aan een nieuwe solo-plaat, blijkbaar zonder andere instrumenten, als we de aankondiging mochten geloven.

En dat deden we dus. Zodat we ineens ook kunnen toegeven dat we opnieuw geen titels kennen. Dus gaan we voor de sfeer. Die zat goed. De akoestiek in de Kapel is op zich al een monument en daar kerfde Robin Verheyen een dik uur lang zijn sax in. Een intense ervaring.

Het concert begon met een soort slangenbezweerderstrack die mijn innerlijke cobra liet ontwaken, deed rondspieden in mijn ontzielde brein, om die vervolgens te bedwelmen. Daarna ging het enkel maar bergop. Jazz die zich ontwikkelt terwijl je adem stokt. Muziek die zijn eigen orkest blijkt worden. Het geluid van een blaasriet dat droogt. De ijskast die meebromt in de maat, een koffielepel die op de juiste tel op de grond dwarrelt.

Een sax man die naar adem hapt.

Hoest …

… de ogen gesloten houdt.

Diepe, ruwe, zachte tonen … Robin Verheyen speelt misschien niet virtuoso, hij gaat gewoon voor majestoso. Telkens een nieuw track. Een nieuw geluid. Je voelt Miles David en John Coltrane meeknikken op de melodie. Je hoort achtergronden die er niet zijn, ruisende zeeën, zwoele feesten op Braziliaanse stranden, technobeats in clubs die om 4 ‘s nachts openen. Muziek die ademt.

Een sax heeft een orkest nodig, zegt men dan. Klopt niet, en Robin heeft gelijk. Hij trekt zich er gelukkig niet al te veel van aan. Komt schoon op tijd aan, met een proper hemd aan. Geen praatjes, enkel muziek. Geen welkom, geen bindtekst, en op einde een verlegen ‘dank je’ voor het daverende applaus van een volledig ingepalmd publiek.

Deze cool cat is een rasechte jazz man. Laat die soloplaat maar komen!

Categorieën
Uncategorized

Troubadour boven de stoof

Als zanger van de band The Doors is hij alom gekend. Althans door de oudere jeugd onder ons, want voor de huidige jeugd is The Lizard King oftewel Mr. Mojo Risin’ het equivalent van een fresco op een witgekalkte muur en doen de aliassen van Jim Morrison even vreemd aan als de aanblik van een Indische sari in een Vlaams straatbeeld. Zelf moet ik toegeven dat zijn met wolvlokking gevulde hippie outfit ook van voor mijn tijd is. En ik zijn liederen enkel van vinyl, cassette en Youtube ken. Desalniettemin is het genre van psychedelische, hard- en bluesrock van The Doors een onontbeerlijk iets voor elke muziekliefhebber. Alleen al ter loftuiting voor de tekstschrijver en dichter die Jim Morrison was. Over de doden niets dan goeds. 

Maar eerlijk is eerlijk, Mr. Mojo Risin’ kon bijwijlen een asociale Mr. Klojo zijn waar geen bestuurder nog vat op had. Jim Morrison raamde dat zijn escapades even sappig zouden gesmaakt worden als een verse ananas, maar de katholieke Amerikaanse autoriteiten proefden enkel het zure ervan. Geen enkel kerkelijke rite schrijft overmatig drank- en druggebruik en het daarbij horende obsceen gedrag voor. Nog liever bonden ze hem vast aan een eenzame boom ergens op een glooiende heuvel rond Minsk. 

Voor zijn fans toonde Jim Morrison zich als een troubadour die met krachtige bezieling over de diepste kwalen van zijn gemoed zingt. Met een ego dat bereid is om door elke vrouw zijn wangen te laten aflikken. Dat is het zichtbare gedeelte. Dat is wat hij liet zien. Maar wat met de diepste kwalen van zijn gemoed? Misschien moest erover gezongen worden omdat hijzelf niet de jus had om er iets anders mee te doen. Misschien deed hij dat zingen met een krachtige bezieling als was hij een Afrikaans land dat gebukt gaat onder een tropisch klimaat waarin tussen grote droogte en zware regenval geen middenweg te kiezen is. 

Wat er ook van zij, Light my fire is allang uitgeblust. Om dan boven de restanten van wat ooit een stoof is geweest terecht te komen. Hà!

Lizzy Dizzy

Categorieën
Humor Muziek Woord

File op E313 erkend als Unesco erfgoed

Een van de populairste tradities in de Kempen is natuurlijk de file op de E313. Ontstaan in de jaren zestig en gaandeweg aan populariteit gewonnen tot nu de dagelijkse samenkomst zelfs tot voorbij Herentals reikt en dit helemaal coronaproof!

Onlineradio Kempisch Kanaal doet daarom een oproep om deze traditie op te nemen worden in de UNESCO werelderfgoedlijst zodat deze nog voor generaties in ere blijft verder bestaan. Om deze actie kracht bij te zetten, zal het ook druk worden dit weekend op het Kempisch Kanaal, met mogelijks filevorming tot gevolg.

Wat vaart er allemaal rond dit weekend?

Op zaterdag 19 september speelt DJ Blue Man van 10 tot 12 uur live vanuit de Wolwinkel in Geel. Hij haalt zijn beste Japanse popparels, cumbiaaah!, ernstige reclamespots, dwarse fluiten, dwarse katten en afrobeat boven.

Van 12 tot 14 uur spelen DJ Toekanbaas en DJ Lorelei live vanuit de Toekan in Heist-op-den-Berg onder het motto “tussen de Cappuccino’s en de patatten”, niet te verwarren met “tussen de soep en de patatten” want soep serveren ze niet in Toekan.

Twee straten verder speelt Radio Storm vanop het zonneterras van De Living in Heist waar ze 11 kaarsen uitblazen. Van 14 tot 15 uur speelt Radio Ontspanje, een hete trip langs de fijnste Flamenco, Rumba,, Pop en Rock van Spanje. Van 15 tot 16 uur is het tijd voor een Tropical Indian Summer session with DJ D. Bardeure. Van 16 tot 18 uur komen we Radio Sanseveria tegen, van 18 tot 20 uur 2 Brothers on the 4th flour.

Kunde gij nog volgen?

Wellicht speelt dan van 22.15 tot 1 uur live vanuit cafe de Wolwinkel een nieuwe Winterland Indian Summer Set. Radio STORM goochelt met de seizoenen voor wie de bladeren al ziet vallen met een greep uit de Winterland podcast en een Indiaan bij zonsondergang. De aanleiding voor dit alles is het concert van Kameel in cc De Werft wat moet nabesproken worden bij nacht en ontij in cafe de Wolwinkel.

Op zondag 20 september speelt Radio Storm van 15 tot 17.30 uur in cultuurcentrum ’t Schaliken. Ze eren er Ronald Luyten, AKA DJ Witte Stilte. De man stierf 3 jaar geleden vrij plots en schonk zijn hebben en houden waaronder een collectie schilderijen aan het Jacob Smits Museum in Mol. In Herentals wordt hij nu herinnert met een EXPO in Art Center Hugo Voeten,

Van 20 tot 22.30 uur sluiten het weekend af met een livestream concert van ALP (solo) vanuit Cafe De Living. Voila dit volstaat, tot morgen!

(gepikt van Facebook en enigszins aangepast voor publicatie)

Categorieën
Woord

227 Days 227 Lays

Loslaten van alle begin en einde

Voor peuters en kleuters leeft alles en iedereen. Tegen hen zeggen dat die of dat niet meer leeft, is als ontkennen dat de schaapjes die ze ’s avonds tellen niet uit wol en vlees zouden bestaan. Of dat de boze wolf niet in staat zou zijn om de grootmoeder van Roodkapje met huid en haar op te eten. En als hij dat toch zou doen, leeft in de kinderhoofdjes grootmoeder nog lang en gelukkig in de buik van de boze wolf.

Hoe goed ouders het ook met hun kinderen mogen voorhebben, er zijn van die heel zekere waarheden waarover ouders enkel kunnen praten wanneer hun voltallige kroost in slaap is. En dan nog verlopen zulk heikele gesprekken in een codetaal. Regel nummer één is dat je je kinderen noemt bij hun koosnaam. Regel nummer twee is dat je het onderwerp aangenamer voorstelt dan het werkelijk is. Tip is te denken aan de wortelpuree dat je tussen de stijf op elkaar geklemde lippen van je kind wil laten vliegen. En als het kleine stuk vreten met de wangen vol oranje smurrie het op een blèren zet, jij zelf op en neer gaat wippen van: ‘Lekker! Lekker! Lekker!’ Regel nummer drie is grenzen stellen aan je ouderlijke bezorgdheid. Los vuil dat je ziet neervallen op het tutje dat op het punt staat in je kleine zijn mond te belanden. Dat soort van heel kleine atomaire onderdeeltjes, die alleen ouders kunnen zien en die op de keper beschouwd zelfs gunstig zijn voor dat klein levend wezentje. Het niet willen horen dat dat het verdedigingssysteem kan helpen om indringers te bestrijden. Nog liever je eigen mentale gezondheid in gevaar brengen met de verzameling aan obscure informatie dat op het internet te vinden is, dan dat je de natuur haar gang laat gaan. En zo zijn er waarschijnlijk nog tig aan regels. Punt is dat het allemaal draait rond het loslaten van alle begin en einde. Op ieder moment kan en zal er wel iets gebeuren dat er gevaar voor schade of verlies dreigt. En dat moet niet altijd gepaard gaan met het lichaam dat in zijn ademhaling wordt belemmerd. 

Kinderloos als ik ben, vergelijk ik de opvoeding van kinderen graag met kunst. Op een bepaald tijdstip ziet de schilder, net wanneer hij met onverdeelde aandacht alleen het strijken van zijn penseel op doek kan horen, dat de verf een doorgang naar de vloer heeft gevonden. Voor de ouder heeft het verschijnsel van kleuren buiten de lijnen hetzelfde effect als een rode lap op een stier. In zijn functie van opvoeder ziet de ouder een begin dat goed begonnen is, maar een einde dat moet afgesloten worden. De schilder daarentegen, laat de lucht eerst nog eens traag door zijn mond naar binnen en buiten gaan. Stapt in gedachten af van wat normaal is en verwacht wordt. Wikt en weegt de mogelijkheid dat hij misschien het equivalent van een kind aan het verwekken is. Vergeet dat de verf op de vloer een nare gebeurtenis zou kunnen zijn en ziet het plezier van het onvermijdelijke in. Hij berust in wat mag zijn en wat hem toekomt. Hij laat los en neemt zijn tijd. Tweehonderdzevenentwintig dagen lang om precies te zijn. 

Lizzy Dizzy

Categorieën
Muziek

Beauty Kills

Op 26 augustus speelde Lili Grace haar langverwachte concert in De Kapel in Herentals. De Krona had al enkele malen roet in het eten gegooid en dus moest er actie ondernomen worden, zeker met dat regenweer dat er vanavond verwacht werd. Dus riepen onze vrienden van Stormloop en De Kapel de weergoden aan, en kregen daarop plotsklaps hulp van projectontwikkelaar Eddy Hendrickx, ook eigenaar van De Kapel, die besloot eigenhandig een afdak boven het podium te bouwen. Bedankt, Eddy!

Het podium stond klaar, overdekt dus dankzij den Eddy, een uitstekende geluidsinstallatie, veel goei volk dat eindelijk nog eens buiten mocht. Het bier stond koud, iedereen was goedgezind. Het was dus wachten op Lili Grace. Het damesduo was mooi op tijd en deed wat het moest doen: half Herentals een fantastische avond bezorgen.

De redactie van Kortsluiting was massaal aanwezig, dus mogelijk verschijnt er een van de dagen nog wel een recensie met een totaal andere mening. Maar de mijne staat alvast als een huis: dit was een steengoed optreden. De dames deden ergens uitschijnen dat ze zenuwachtig waren, maar daar was nauwelijks iets van te merken. Ze stonden als een bakstenen huis te spelen, met een kelder vol soul, een living vol emotie en een zolderkamer vol rare toestanden.

De zussen hadden een piano, een cello, een hobo en wat percussie bij, een sampler, en een vracht aan effectpedalen waar The Edge zeker in geïnteresseerd zou zijn. Samen met mijn kameraad de fotograaf speelden we een spelletje. Wat hoor jij? Dat was een een raar spel. Ik ga even door onze chat …

  • My sister is my clock. In een van de eerste tracks laten de zussen zich als erfgenamen kennen van het jonge dEUS, dat zich in hun legendarische mini-EP als een van de meest vernieuwende bands uit Europa laat kennen.
  • Björk speelt ‘Brother, where art thou?’. Ok, geen commentaar.
  • Laïs voor punkers, maar eigenlijk bedoelen we met punkers ‘gevorderde kenners’. De dames zingen samen, hoog, laag, diep, door dik en dun. Zij steunt, zij gaat hoog, zij vangt op. Wie zingt wat? Zij weer?
  • Ricky Lee Jones – Ghostyhead – persoonlijke aantekening – niet opnemen in het verslag.
  • Slash op cello, twee madammen op synth. Een kippevelmoment. Een van de eerste hoogtepunten in de show. De zussen grijpen je vast in een kleine kelder en drukken je tegen een bezwete, betonnen muur. Mijn voeten gaan op de grond.
  • Dit is een geluid uit de die LP van Moloko. Do you like my thight sweater? Legendarische plaat, episch geluid, maar volledig eigen versie. Geen toegeving.
  • Are You Gonna Go My Way? Opnieuw op de cello? Paradise City, op de cello. Echt mevrouw de celliste, u speelt al onze ouwe rockers naar huis.
  • Durven we nog even verwijzen naar de Anarchistische Abend Unterhaltung? Ja, dus.
  • En die samenzang achter aan het optreden? Was dat Sinead O’FuckingConner??!! Ik word opnieuw fan van die ouwe zaag.
  • Dolly Parton met haar oude werk. Geweldig! Geen sarcasme. Gewoon geweldig.
  • Wat nog volgt: Ziggy Stardust, Waterschapsheuvel (Bright Eyes!!!), Swordfishtrombones meets the bazaar, Ry Cooders Paris Texas, …
  • Apocalyptica?

Op muzikaal vlak zit Lili Grace met dit soort invloeden natuurlijk in marmer gegoten. Ze doen hier volledig hun eigen ding mee en laten inspiratiebronnen waar ze thuis horen: achter slot en grendel achterin je geheugen. Toch een zeer kleine kritische, maar eigenlijk opbouwende noot: Lili Grace speelt songs, met een intro, strofe, refrein en een outro. Dat mag, geen probleem. Maar een tweetal keer trapt het duo volop de gaspedaal in en laat zich eens goed gaan. Dat waren voor ons de topmomenten van het concert, de dames die buiten de lijnen begonnen verven. Dus tip: laat jezelf wat meer los, daar zit nog gigantisch veel ruimte, zeker met dat muzikale talent van het duo.

En dan stoppen ze ineens met spelen? Na dik een uur beklijvend aan ons vel te hangen? Gelukkig zit de bomma achterin en riep luidop om een bisnummer. De rest van het publiek gaat unaniem akkoord en de zussen gooiden er nog een zware rave-beat achterna. Eindigen in schoonheid noemen ze dat in de Kempen.

Een van de dagen komt de LP van Lili Grace uit, geproduced door Orson Wouters van Transistorcake. Ik zou zeggen, volg ze nu al op Spotify en check hun shows als ze in de buurt zijn.

Foto’s: XTof

Tekst: JLV

Categorieën
Beeldende kunst Humor

Ben jij ook een Snod’art?

Bubbelartiest en snoodaard Jan De Schutter organiseert een tweede opendeurdag op 15 augustus. Allen daarheen! Ook op afspraak is een bezoekje mogelijk.

De volgende tekst hebben we gepikt van Jenny H. op Facebook. Bedankt Jenny!

… een voormalige stovenwinkel omgezet naar een hedendaagse kijkdoos….
Na de opendeurdag op afspraak te bezichtigen.

EXTRA INFO


Maximaal 10 personen binnen.
Afstand houden zowel binnen als buiten.
Handgel is beschikbaar.
Er is geen toilet.
Eigen mondmasker meebrengen.

Categorieën
Muziek

Nieuwe plaat voor Bluenoid

PERSMEDEDELING

Ja, we zijn blij. Allez, de Jef toch al zeker. Het Braziliaanse dance label Industry Of House bracht onlangs de EP ‘Abstractive’ uit. De openingstrack van de EP is ‘Do You Want It’ van Bluenoid, waar Jef aan de knoppen zit. Internationale erkenning dus voor een dichter op pensioen, die zich omschoolde tot muziekproducent. Gekker moet het niet meer worden, zou ons moeder zeggen.

De EP ‘Abstractive’ is te beluisteren via Spotify en dj’s kunnen de tracks via hun Beatport-account binnenhalen. Naast Bluenoid vind je nog tracks van Hard Mix, Ray Briones en Nilton Fatore. De muziek is techno, tech house en house, dus luid en dansbaar. Op ‘Do You Want It’ hoor je een sample van Jef die de zin uit de titel uitspreekt. De track zelf is materiaal voor de heetste dansvloeren

Doe dus je ding en zoek de EP op. Draai hem loeihard door de boxen, sip van je gin tonic en beweeg dat lijf. Ken geen genade voor de muurbloem, zij zoekt de eenzaamheid zelf op. Dans & geniet!

🙂 Abstractive op Spotify

🙂 Abstractive op Beatport

Categorieën
Humor Verhaal

Ne Nipte? Ne Nipte Wa??

De vrijdagmarkt in Herentals. De vrouw achter het kraam grossierde, behalve in tomaten en in peren, ook in clichés. Net had ze –echt waar- haar vorige klant uitgezwaaid met de woorden en da we ze nog lang meuge meuge he. Nu stond ze op het punt mij aan te spreken. Ik hield mijn hart vast. Dag meneer, stak ze van wal, ‘t is mor ne miezerige he.

Ik keek haar aan. Waar had ze het in hemelsnaam over? De vorige klant? De komkommers achter haar? Ze moet gemerkt hebben dat ik het in Keulen hoorde donderen want ze herhaalde haar boodschap, wat meer op maat ditmaal, en een decibel of tien luider: Slecht weer he meneer! Voor de zekerheid keek ze ondertussen theatraal omhoog. In tegenstelling tot de lucht klaarde mijn gezicht helemaal op. Ten dele omdat ik eindelijk begreep wat de vrouw me zeggen wilde en dus adequaat kon reageren –Ja, amai seg, wa’s da?!- maar vooral omdat ik hier getuige was van de verdere doorbraak van een taalverandering die ik al een tijdje in de gaten hield.

Snel bestelde ik een kilo nectarines zodat ik ongestoord kon denken. Het was allemaal begonnen op het werk. Letterlijk van de ene dag op de andere kon ik geen vergadering meer bijwonen of er was wel iemand die met uitgestreken gezicht zei: Oei, da’s ne lastige. Daarop reageerde dan zonder verpinken iemand anders: Bwa, volgens mij wel ne redelijk doenbare. Stelde ik voor een nieuwe vergadering in te plannen in februari? Dan was het: Februari gaat voor mij sowieso nen helen drukke zijn. Halverwege maart dan? Oei, ik denk dat da ne nipte is, Bert.

Beschrijven wat hier gaande is, blijkt –hoe zal ik het zeggen- genen evidente. Neem nu een uitspraak als Februari is nen helen drukke. Op het eerste gezicht zou je denken: Simpel! Beproefde grammaticale constructie waaruit het zelfstandig naamwoord weggelaten werd. Dat kan namelijk perfect in het Nederlands. Je wenst bijvoorbeeld iemand een gelukkige verjaardag en zegt: ne gelukkige. Voorwaarde is dan wel dat het kristalhelder is welk het weggelaten zelfstandig naamwoord is. Iedereen weet dat het over de verjaardag gaat. En net daar wringt in ons voorbeeld het schoentje. Want welk zelfstandig naamwoord is er weggelaten bij nen drukke? Onmogelijk te zeggen. Dat komt omdat het alleen maar lijkt alsof er iets weggelaten is. In werkelijkheid is er helemaal niets weggelaten. Wie zegt: februari is nen helen drukke, zegt eigenlijk gewoon februari is heel druk, maar dan wat dikker aangezet. En dat, beste vrienden, is grammaticale spitstechnologie. Amper tien jaar geleden was dat volstrekt onmogelijk.

Terug naar het werk. Het liefst van al wou ik van mijn stoel opspringen, zo’n nieuwlichter bij de kraag vatten en zo hard ik kon gillen: Ne nipte? Ne nipte WA??’ Natuurlijk deed ik dat nooit. Ten eerste: Je moet met die mensen nog samenwerken. Dat wordt dan erg gênant. Ten tweede: Zij kunnen er natuurlijk ook niet aan doen dat ze geassimileerd zijn. Want met taalverandering is het zoals met de Borg: Resistance is futile. Willen of niet, je wordt geassimileerd. Dat werd pijnlijk duidelijk een paar maanden later. Ik zat –alweer- in een vergadering. Wellicht wou ik indruk maken op de aanwezige managers, want plots hoorde ik mezelf zeggen: Da vind ik echt nen hele jammere. Onthutst keek ik rond. Geen reactie. Allemaal uitgestreken gezichten. Slik. Geassimileerd dus.

Sindsdien heb ik resoluut de taalbeheersing ingeruild voor de taalbeschouwing. Vanaf de zijlijn kijk ik gefascineerd toe hoe de nieuwe constructie op haar glorieuze veroveringstocht bastion na bastion sloopt en ik wacht geduldig tot ze uiteindelijk elk bijvoeglijk naamwoord, en elke taalgebruiker, in haar greep zal hebben. Een prachtig spektakel is dat. Op de markt nam ik afscheid van de vrouw van het groentekraam: Tot de volgende en hopelijk rap ne zonnigere he! zei ik. De vrouw keek me fronsend aan. Hopelijk rap wa beter weer! verduidelijkte ik, een decibel of tien luider.

Bert Aerts (43 jaar, Herentals), alias Milder, is als schrijvende mens nog helemaal groen achter de oren. Exact twee jaar geleden begon hij te schrijven. Waarom? Beats me. Het was alsof het hem overkwam. Alsof hij er niet zelf voor koos. Op zijn facebookpagina Milder getuigt hij sindsdien eerlijk en zonder al te veel franjes over zijn leven. Voorál over het gesukkel, want dat is het mooist. Mild voor zichzelf, Milder voor u. ‘Ach, als het dat maar is,’ zegt zijn vrouw soms. ‘Er bestaan ergere manieren om een midlifecrisis door te komen.’