Categorieën
Beeldende kunst Event Fotografie

UiT-TiP van StorM

Achter de schermen werken we volop aan de overname van de wereldhegemonie. Een van onze strategische partners is Galerie Storm uit Herentals. We delen daarom in alle discretie hun UiT-TiP van de week!!

The cracks in our foundation



 -uit- tip van galerie STORM
EXPO  – the cracks in our foundation -Vanaf nu vrijdag – gedurende 2 weekends –  EXPO in D’MAKK – Herselt

– Marc Janssens –
– Bart Vankrunckelsven –
– Geert Verbist –
– Geert Delattin –
Categorieën
Event Muziek

EP Execute_One

Op vrijdag 7 mei om 20 uur stelt Kortsluiting trots de nieuwe EP ‘Execute_One’ voor van Bluenoid. De EP bevat vier tracks, met naast de titel track ‘Execute_One’, de al eerder uitgebracht tracks ‘Submotive’, ‘Trust in Me’ en ‘Sonique’. Goed voor 25 minuten pompende feel groovy techno.

De voorstelling van de EP gebeurt online met een dj-set van Bluenoid op Facebook. Zet de meubels langs de kant, schenk een Max Verstappen in en draai die boxen open. We zijn vertrokken!

Naar het event op Facebook!

Categorieën
Humor Muziek

Waanklank Records doet dik zijn goesting

Waanklank Records is een klinkende nieuwe naam in de platenbusiness. Klinkend? Jazeker, en zeker in de fictieve wereld van ijdele popsterren en opgeblazen superego’s. Want Waanklank is gewoon zelf een fictief label, eentje dat fictieve platen uitbrengt met fictieve nummers er op. Deze fictieve platenwereld ontsproot in april 2020 uit het reële hoofd van Stijn Van Wolputte, die sindsdien elke week een nieuwe fictieve track uitbrengt.

(Noot van de redactie: hier kan het platenlabel van Kortsluiting een serieus poepje aan ruiken!)

Wij doken op het virtuele web en namen via internetkabels contact op met Stijn van Waanklank, en dat bracht dit interview met zich mee.

Stijn, vertel eens wat meer over Waanklank Records?

Waanklank Records is een nieuw independent platenlabel, opgericht in 2020. Zoals de naam al enigszins aangeeft, worden er op het label slechts illusoire platen uitgebracht, en dan enkel nog singles. Elke week stuur ik een platenhoes – voor-en achterkant – naar een aantal vrienden, onder de Waanklank Records-vlag. Er verschijnen dus enkel hoezen, met op de voorkant een beloftevolle, zij het fictieve band met een al even fictieve single. De achterkant biedt dan weer plaats voor nonsensteksten en-gedichten in de traditie van bv. Lewis Carroll, slogans, korte verhalen, sketches voor verhalen,… Basisfilosofie achter dit alles: nonsens brengt hulp bij een gesloten wereldbeeld….

Hoe kwam je op dit idee?

De oer-oorsprong ligt eigenlijk in een boek dat ik jarenlang probeerde te schrijven. Ik bleef echter al te vaak vastzitten. Vanuit de gedachte dat goede ideeën eigenlijk interessanter zijn dan de volledige uitwerking van die ideeën, zoals schilder René Daniëls zei, begon ik delen van dat verhaal op te knippen in honderden stukjes. In die zin zijn veel van de Waanklank-hoezen “fragmenten uit een onvoltooide roman”, ook de titel van een tentoonstellingscatalogus van diezelfde René Daniels.

Dat idee werd nog versterkt door de gedachte achter Paul Valéry’s uitspraak “La marquise sortit à cinq heures”. Daarmee bedoelde hij dat veel romans veel opvulsel of banale informatie bevatten om het verhaal te vertellen. En zo vielen eigenlijk alle puzzelstukjes in elkaar: ik ben ook altijd zot geweest van het artwork van platen, concertaffiches,… Voeg daarbij mijn fascinatie voor muziek, bands, strips, absurdisme en nonsens, typografie, literatuur, grafisch design en kunststromingen van begin 20ste eeuw, industrieel erfgoed, de DIY-attitude van bands en labels,… en je hebt de perfecte Waanklank-mix. Een fictief platenlabel als Waanklank gaf me de vrijheid om al die dingen op een hoop te gooien.

Wat is je favoriete fictieve plaat die je al uitgebracht hebt? En waarom?

Een echte favoriet heb ik niet. Alle hoezen staan dan wel los van elkaar, maar door ze te verzamelen onder de Waanklank-Records-vlag vormen ze toch ook een soort eenheid, zoals iemand me ook zei. Zonder echt bezig te zijn met een aaneensluitend verhaal, wordt op de duur toch een soort van verhaal verteld. Het Waanklank-label staat zo voor iets, zoals ook mijn favoriete platenlabels dat telkens op hun manier dat ook deden, bv. Dischord (van onder meer Fugazi), Alternative Tentacles (Dead Kennedys bv), SST (Minutemen, Hüsker Dü,…), 2-Tone (Specials), reggaelabels als Studio One en Trojan,…

Dit gezegd zijnde, er zijn wel een aantal exemplaren die een speciale betekenis hebben, zoals de eerste Waanklank-release op naam van LTTRZTTR, waar op de achterkant ook Aorist de Dodo zijn opwachting maakt en bv. ook de hoes van Mordicus opgedragen aan een overleden vriend. Ik denk ook aan hoezen die opzichtig knipogen naar bestaande hoezen van favoriete bands, zoals die van De Groeten, die refereert naar mijn favoriete plaat, met name de eerste lp van The Clash of hoezen waar verschillende van mijn eerder vermelde fascinaties samenkomen, zoals bv. Het Nodige. Wat de achterkanten betreft heb ik het zelf wel voor de nonsensteksten met creaturen als de nefast en Aorist de dodo, maar ook kortere teksten waarbij de letters in elkaar overlopen zoals in Het Water Kraakt… En, omwille van de surrealistische baldadigheid, de sketches met Gramarm…

(lees verder onder de platenhoezen)

Naar welke release van Waanklank kijk je nu al uit? Wat mogen we daarvan verwachten?

Vooruitkijken doe ik niet te hard, ook omdat ik me probeer te houden aan één release per week, dat houdt de spanning er wat in. Zoals ik al zei, kan ik voor een deel van de hoezen putten uit eerder verzameld materiaal, maar meer en meer dienen zich ook compleet nieuwe ideeën aan. Ik heb voor mezelf wel een aantal doelstellingen bepaald, maar dat is geen absolute must. Als ik het beu ben, stop ik er gewoon mee. Die doelstellingen zijn eigenlijk gelieerd aan het aantal toeren per plaat – 45, 78 – of aan de duurtijd van cassetjes – 45, 60, 90,… Ik ben nu een jaar bezig, de eerste doelstelling – 45 45-toerenplaatjes – is dus al gehaald, op naar de 60! Die 45ste release gaf ook aanleiding tot een nieuw Waanklank-logo…

Op dit moment geef je enkel singles uit. Zijn er ook plannen voor een volledig album? Dubbel LP’s? Of zelfs concept albums?

Nee, daarvoor zijn er geen plannen. Het is net het medium van een singletje dat ik zo interessant vind. En charmant. Mijn favoriete genres – als ik even mag veralgemenen – zijn punk en reggae. Genres die bij uitstek geschikt zijn voor singles. Veel van die groepjes voelden de urgentie om een plaat te maken en brachten snel snel snel een single uit. Vaak hadden ze ook niet veel ander materiaal. Uit die singles sprak een grote dadendrang en specifieke dynamiek. Ik was vroeger ook zot van het maken van compilatie-mixtapes, met bijhorende ontwerpen voor de cassettedoosjes, waarmee ik dan de klasgenoten en cafévrienden tot vervelens toe lastigviel…

Zou je ooit voor een echte band een hoes willen ontwerpen?

Dat is niet de ambitie. Het ontwerpen van de hoes is een ding, maar het bedenken van bands, titels of teksten is minstens zo belangrijk. Dat zou al wegvallen als je met een echte band te maken hebt. Plus: ik ben geen ontwerper, geen tekenaar, geen muzikant, geen schilder, stilistisch niet bepaald een groot schrijver… Wel heb ik een aantal ideeën die ik de moeite waard vind om mee naar buiten te komen. Via Waanklank heb ik de volledige vrijheid om dat te doen op een eigen manier, zonder verplichtingen die je met echte bands wel zou hebben…

Stel, je krijgt carte blanche, met een onbeperkt budget Bitcoins, en we vragen je om een festival samen te stellen. Welke bands van Waanklank mogen niet ontbreken?

Meer nog, er staat al een Waanklank-festival op stapel. Op de achterkant van WKR 023 werd de affiche van Waanfest bekendgemaakt met bands als Hufter, De Wilde, Werkman, De Afgang, Eeuwige Groei, Oestergruis, met als top-of-the-bill Functioneel Naakt. Dat Waanfest staat gepland eind augustus. De affiche van Waanfest is overigens een knipoog naar de affiche van tot op heden nog altijd het beste festival ooit, namelijk Pukkelpop 1990 (met onder meer Buzzcocks, Mudhoney, Nick Cave, Rollins Band, The Cramps,…).

Stiekem zou ik op een festivalwei toch ook graag uit de bol gaan op “Sportende Schoorstenen Roken Langer” van Haarzak of op “Heiland Na Heiland” van De Concurrentie. Of meebrullen met “Een Goede Moordkeuze” van Afknapper!. En verder: luisteren naar Het Nieuws?

Voortschrijdende Inzichten? Staalslak schijnt live ook meer dan de moeite te zijn. Verder zou er toch zeker ook plaats moeten zijn voor een dartcore-band als Uw Lief, Mijn Moeder, een genre dat onder Waanklank Records tot volle ontbolstering is gekomen… En het is dan wel geen festival, maar een avond of radioprogramma met allemaal bands die ter inspiratie van Waanklank hebben gediend zou ook wel wat hebben.

Wij komen in ieder geval af! Bedankt voor het gesprek!

Categorieën
Beeldende kunst Event

Tom Woestenborghs

Kunstenaar Tom Woestenborghs, bij ons in de keuken bekend als Woesten Tom, gaat naar de zee. Niet voor een gezellige uitstap, maar voor zijn nieuwe expo ‘Grounded Pulsation’ in galerij CAPS (Oosthelling 8, Oostende). De expo loopt van 20 februari tot 28 maart en is open op zaterdag en zondag van 11 tot 18 uur. De opening vindt plaats op zaterdag 20 februari van 14 tot 18 uur.

We ontvingen een uitstekende perstekst van curator Caroline Van Meerbeek met een kritische en artistieke beschouwing van het werk van Tom. Die was zo uitstekend dat we die gewoon kopiëren.

GROUNDED PULSATION
DE ‘FEMALE GAZE’

IN DIALOOG MET TOM WOESTENBORGHS


The Architect. Een beroep, een dEUS popsong en de titel van één van de werken van Tom Woestenborghs, die ons meeneemt in een intieme scène. Een vrouw, jong, mooi, blond, in zichzelf gekeerd, in gedachten verzonken of op automatische piloot, lijkt zich niet bewust van de voyeuristische blik van de toeschouwer, die haar intieme actie observeert. Zij staat in de privacy van haar eigen badkamer, gekleed in niets meer dan een bronskleurige boxer en een beha, zo transparant dat we haar tepel kunnen zien. We treffen haar net op het moment dat ze zich ontdoet van haar beha. Of kleedt ze zich net aan …

The Architect is overigens niet het enige werk waar Woestenborghs experimenteert met (semi)-naaktheid al dan niet in de privacy van een badkamer. Blue Monday toont ons bijna net hetzelfde beeld: een mooie vrouw reikt verleidelijk lachend achter haar rug om haar beha los of vast te maken, haar gezicht voor het grootste deel onttrokken van de toeschouwer.

In Bathroom Floor ligt een vrouw naakt, de haren nat en de ogen gesloten op de vloer van de douche en Little Narrations Smoke toont ons een aantrekkelijke en zelfverzekerde vrouw, naakt op haar ondergoed na, mijmerend, maar genietend van een sigaret. Deze vrouwen lijken zich niet bewust te zijn van het feit dat ze bekeken worden, noch door een publiek, noch door de kunstenaar.

Wie goed kijkt naar zijn (semi)-naakten, ziet sterke, onafhankelijke vrouwen, zelfzeker en baas over hun eigen narratief. Sekssymbolen? Ja, misschien wel. Onderdanig, passief en ondergeschikt? Zeer zeker niet. De simpele act van het kijken is echter niet gender-neutraal. John Berger beschrijft in zijn boek Ways of Seeing uit 1972 de geschiedenis van de westerse olieverfschilderkunst als een catalogus van onderdanige naakte vrouwen, opgesteld voor het plezier van de mannelijke kijkers.

‘Your gaze hits the side of my face’, vermaant Barbara Kruger in haar werk Untitled uit 1981, waarmee ze verzet biedt tegen de objectiverende blik en verwijst naar feminist en filmwetenschapper Laura Mulvey die in haar beroemde essay uit 1975 Visual pleasure and narrative cinema, de male gaze beschrijft als de manier waarop vrouwen geobjectiveerd worden in Hollywoodproducties. De male gaze kaart een cruciaal probleem van de feministische theorie aan: kunnen vrouwen werkelijk bevrijd worden van de objectivering die de handeling van het bekeken worden met zich meebrengt?

In tijden waarin de MeToo-beweging seksuele intimidatie, gender-ongelijkheid, discriminatie en objectivering van vrouwen aanklaagt, waarin publieke figuren verantwoording dienen af te leggen omwille van grensoverschrijdend gedrag, moeten we ons afvragen of de weergave van vrouwelijk naakt nog relevant is in de hedendaagse (schilder)kunst. Het antwoord op deze vraag is ambivalent, meerlagig, maar zeker ook ontegensprekelijk ‘ja’.

Nooit eerder waren we ons zo bewust van gendergelijkheid, gender fluidity, identiteit, seksualiteit, mannelijkheid, vrouwelijkheid, pornografie, assertiviteit en emancipatie. Ook in hedendaagse beeldende kunst geven kunstenaars als Jeff Koons, Felix Gonzalez-Torres, Yasumasa Morimura, Nan Goldin en oh ja, ook Tom Woestenborghs deze onderwerpen een prominente rol.

50 jaar na Mulvey’s essay, meer dan 50 jaar na de tweede feministische golf en in de schemer van MeToo maakt seksualiteit, naaktheid en pornografie een wezenlijk deel uit van een nieuwe beweging in de kunsten. Kunstfilosoof Petra Van Brabandt introduceert wet aesthetics als een nieuwe schoonheidsleer, een ‘esthetische ervaring van natheid en fluïditeit die een visceraal effect in het lichaam teweegbrengt, uitgelokt door erotiek, spanning, pornografie, zelfbewustzijn…’

Wet aesthetics omarmt seksualiteit in al zijn vormen in de beeldende kunst, maar nooit gaat het om naakt om het naakt. Wet aesthetics onderzoekt de relatie tussen model en kunstenaar, bestudeert de positie van naaktheid en seksualiteit in onze hedendaagse maatschappij en veroordeelt, bekritiseert of bespreekt openlijk waar nodig.

De werken van Tom Woestenborghs sluiten niet alleen thematisch aan bij wet aesthetics, maar ook vormelijk hebben zijn werken een ‘nat’, haast hoogglanzend effect. Hoewel hij zichzelf schilder noemt, bouwt hij zijn werken laag per laag op met zelfklevende tape in kleuren speciaal voor hem ontworpen. Laag per laag creëert hij iriserende werken die herinneren aan de half-doorzichtige lagen uit de barokke schilderkunst en die een unieke formaliteit introduceren in zijn ‘schilder’-kunst.

In Grounded Pulsation, een uitloper van de reeks Artistic Midlife Crisis of a Storyteller, onderzoekt Woestenborghs niet alleen de rol van het naakt, maar keert hij terug naar 3 motieven uit de klassieke schilderkunst: naakten, abstracties en stillevens. Motieven die ogenschijnlijk weinig met elkaar te maken hebben, maar voor Tom horen ze wel degelijk samen.

In het geval van Complementary Abstract Blue Monday is de link met Blue Monday snel gemaakt. Niet alleen zijn de titels haast identiek, maar het lijkt alsof Woestenborghs het beeld van de verleidelijk lachende vrouw in petroleumkleurig ondergoed abstraheert en reduceert tot een haast modernistisch onderzoek van kleur en vorm, gebaseerd op de CMYK-kleuren, die we onderscheiden in beide werken.

Fascist Cake is het meest politiserende en tegelijk meest anekdotische werk op de tentoonstelling. Ze is het directe gevolg van een interview in De Afspraak met N-VA-politicus Peter De Roovere, waar hij de beleidskeuzes van Vlaams minister-president en minister van cultuur Jan Jambon met hand en tand verdedigt en zegt: ,,Ik denk dat de voorbije jaren het gegeven dat kunst schoonheid is, te veel vergeten is. We hadden vroeger kunstenaars die een beter oog voor schoonheid hadden.” En daarmee blijk geeft van een totale onwetendheid van wat hedendaagse kunst eigenlijk is.

Wanneer politici pleiten voor de terugkeer van de ‘schoonheid’, culturele subsidies sneuvelen en een ‘Vlaamse canon’ bestaat uit balletjes in tomatensaus en F.C. De Kampioenen, biedt Woestenborghs een passend antwoord in de vorm van een taart met een krachtige symbolische waarde.

Wat hoort tenslotte meer bij een esthetisch Vlaams smaakprofiel dan een taart, bestreken met de kleuren van het rechtsnationalisme? De taart, in al haar banaliteit, groeit uit tot een krachtig symbool van artistieke revolte, spot en ongenoegen.

Grounded Pulsation toont het werk van een kunstenaar die stevig verankerd staat in de hedendaagse Westerse maatschappij, de vinger aan de (eigen) pols houdt, die kritisch, genuanceerd en geëngageerd een statement maakt tegen de gevestigde waarden en die zijn publiek uitdaagt zijn, haar of hun eigen narratief te ontwikkelen.

Caroline Van Meerbeek

Bronnen
John Berger, Ways of seeing, Penguin Books Ltd, 2008.
Laura Mulvey, Visual pleasure and narrative cinema, Screen, 1975.
Linda Nochlin, Why are there no great women artists?, Ed. By Barbara Moran, Basic books, New York, 1971.
Petra Van Brabandt, To heat by melting, Lezing Kaaitheater, 16.11.2018
CAPS (Contemporary Art Projects) – Nomadic Gallery – http://www.c-aps.bepaul@c-aps.be

“Grounded Pulsation” is mogelijk gemaakt met de hulp van de culturele
activiteitenpremie, departement cultuur, jeugd en media Vlaanderen.

Info: http://www.c-aps.be

Categorieën
Poëzie Woord

Gij zijt mijnen beste makker!

Juffrouw Sandie van het tweede middelbaar van het Klein Seminarie in Hoogstraten stuurde ons enkele gedichten van haar leerlingen. We zijn zo mooi dat we ze graag met u delen. De leerlingen werkten rond het thema corona, gemis, afstand, eenzaamheid, samen ver weg. Dit paste natuurlijk perfect in het thema ‘Samen’ van de afgelopen Poëzieweek.

We willen alle leerlingen van juffrouw Sandie van harte danken voor hun mooie gedichten!

E-boek

We gaan ze ook nog proberen te verzamelen in een e-boek! Daarover later meer!

Mea culpa

We deden een oproep om gedichten in te sturen voor de Poëzieweek, maar we kregen enkel deze inzending binnen. We beloven op onze communicantenziel dat we volgend jaar een bredere promo zullen voeren.

Categorieën
Muziek

Onder stroom

Bluenoid brengt ode aan Funeral Dress in de Week van de Belgische Muziek

De Herentalse producer Bluenoid brengt voor deze editie van de Week van de Belgische Muziek (van 8 tot 14 februari) een eerbetoon aan zijn stadsgenoten Funeral Dress met een techno-remix van hun punk classic Party On.

Vi.Be roept Belgische muzikanten op in de Week van de Belgische Muzikanten hun favoriete Belgische groepen en nummers te coveren. Voor Bluenoid was de keuze snel gemaakt, hij moest en zou het punk party anthem ‘Party On’ van Funeral Dress naar zijn techno-hand zetten. Een Facebook-berichtje naar Dirk van Funeral Dress volgde, en die gaf een ‘go’.

Maar waarom nu een technoversie van een punknummer? Die muziekstijlen liggen toch ver uit elkaar. Wellicht alleen daar al om zou Bluenoid de uitdaging aanpakken, maar er is meer. Net zoals in de hoogdagen van de punk er een kruisbestuiving was tussen punk en reggae (Check The Clash en zelfs The Police), blijven genres elkaar nu nog altijd beïnvloeden en verrijken. En dat is hier dus ook het geval.

De remix zelf dan, hoe kwam die tot stand? Tja, techno, dat is soms toch zoiets als wetten en worsten, daar wil je niet van weten hoe die gemaakt worden. Maar we willen toch graag een tipje van de sluier oprichten. Bluenoid haalde de oorspronkelijke track van Party On gewoon volledig uit elkaar gehaald, om die vervolgens via MIDI-tracks en samples van de oorspronkelijke track terug op te bouwen. Vergelijk het met een pointillistisch schilder die, iets na middernacht – met een spuitbus in de hand – een foto van Rembrandts De Nachtwacht opnieuw tot leven probeert te brengen op de muur aan het skateterrein aan het Stadspark.

Maar wat hoor je dan? Enkel de techno bass drum is een nieuw ingespeeld instrument. De rest van wat je hoort, komt op een of andere manier uit de oorspronkelijke track, en ging vervolgens door Bluenoids handen en laptop. Zo kwam ‘Party On (Atomic Dust Remix)’ puntje per puntje tot stand. En al zeggen we het zelf: de dansbaarheid is hoog, de techno zit goed, en ook de oorspronkelijke punk attitude is nog duidelijk aanwezig in het nummer.

Vooraleer het nummer online ging, stuurde Bluenoid het door naar Funeral Dress. Die waren zeer tevreden en stelde Bluenoid voor om nog een track onder handen te nemen. Die ging natuurlijk akkoord, maar daarover later meer!

Voor de volledigheid: Vi.Be roept muzikanten ook op om hun favoriete nummer live te spelen op de dorpel van hun huis, en dit op Valentijn. Omdat Bluenoid zijn apparatuur niet op de dorpel krijgt geplaatst, zal dit niet kunnen doorgaan. Maar hij heeft wel een filmpje van de track gemaakt, zodat iedereen op YouTube kan meegenieten.

Check ‘Party On (Atomic Dust Remix)’ on YouTube

#weekvandebelgischemuziek

#love #techno #music

#freebeerforthepunx

Categorieën
Uncategorized

Mantra

Diep in het oerwoud

Eeuwenoud

Pas geschilderd

Categorieën
Muziek

De vlucht van de zwaluw

DC Swallow zegt u. Ja, DC Swallow. De ‘D’ staat voor Dave en de ‘C’ voor Cornwell, en die Swallow, dat is een zwaluw. Daar heb ik ooit de betekenis ook wel eens van geweten, maar die is verzwolgen in de zeeën van tijd en decadentie.

In 1807 schreef DC Swallow al in zijn blog dat het eens tijd werd dat hij zichzelf ‘toont’ aan de eventueel geïnteresseerde wereld. Hij loopt immers al heel zijn leven te ‘kunstenaren’ en te crëeren en te scheppen, maar heeft de vruchten van zijn brein nog maar zelden gedeeld met de medemensch. And slowly but surely komen de dingen samen.

Maar waarom DC Swallow op een website die schrijft over Kempense kunst met een hoofdletter? Wel, gewoon omdat de ondertussen al jaren in Gent vertoevende muzikant eigenlijk gewoon afkomstig is van Beerse, u weet wel, achter het koperfabriek tweede gracht links en daar moet ge het nog maar eens vragen.

Ik leerde Dave kennen in de nevelige jaren negentig toen ik als dichtende punkgitarist in een reggaegroep terecht kwam. Op een ochtend na een geweldig feest in een bos ergens, stond een jonge DC met een cassette in zijn handen aan onze auto, die net ingeladen was. Toffe pee, cassette in het deck en wat ik toen ontdekte was geniaal: stampende techno, gelaagde geluiden, muzikale waanzin, … het feest begon gewoon terug van voor af aan.

Enkele maanden later nodigde ik Dave uit voor een jamsessie, waar geloof ik ook zijn broer Vince – aka Zimbob, maar daarover later een artikel – op aanwezig was. Die jamsessie is de reden wellicht dat er in Vlaanderen destijds strengere geluidsnormen werden opgelegd, maar man, was dat legendarisch. Ik moet nog altijd lachen als ik daar aan terug denk.

Maar schone liedjes duren niet lang, en even later trok in mijn rugzak aan en trok de wijde wereld in, met als extra een extra lange mixtape van DC’s nummers, die me in de clubs in Singapore en Bali onmiddellijk een hele schare trouwe vrouwelijke volgelingen bezorgde. DC Swallow werd door de collega’s van de experimentele dubband Dubtales opgepikt en de rest is geschiedenis. De combinatie van dance en dub was een hit en met Dubtales toerde DC Swallow in Vlaanderen en Nederland. Hun naam en faam waren terecht groot. Dit succes kende een internationaal vervolg met Plastic Buddha en hun fantastische ‘Throwing stones in placid pools’.

In de jaren die volgde kwam ik Dave nog regelmatig tegen, vooral online. Hij was verkast naar Gent waar hij in zijn zolder muziek bleef maken, zonder enige toegift aan de commercie, quasi enkel en alleen met hardware keyboards en samplers, zonder al te veel vooraf geprogrammeer. Ene van de oude stempel, zoals we dat hier zeggen. Qua stijl is DC Swallow wat rustiger geworden tegenover zijn jonge jaren, maar muzikaal blijft hij heel uitdagend, en humoristisch. Check zijn dance-versie van ‘Laat ons een bloem’ van Louis Neefs anders eens.

Op YouTube en op SoundCloud laat hij regelmatig iets los, maar heel regelmatig is The Swallow niet. Maar als het er komt, dan is het goed, en zijn de vele fans blij en gelukkig. Onder die fans niet de minstens, zo weet ik dat Eduardo Delvino, de geniale producer van het Nanouchi Label, een grote fan is, en al jaren via allerlei slinkse omwegen Dave in zijn studio probeert te krijgen.

Zijn we al bij het einde? Ok, dan wil ik Dave nog even bedanken voor zijn vele jaren prachtige muziek. Ik hoop dat er stillekesaan eens iets wordt gedaan aan zijn voorspelling uit 1807. Dave, onze aandacht heb je al.

En allez, om het volledig te maken. Hier ook nog even de SoundCloud van DC Swallow …

… enjoy!

Niet voor watjes …
Categorieën
Woord

De Stronthoek Case

Cardinal hadden we opgenomen. Dat kon wel even wachten want vanavond werd een crimineel raadsel van een ander kaliber ontrafeld. Wie had de dode in de Stronthoek op zijn geweten? Sinds Stormloop 2019 hield het ons bezig.

De postkaarten met duistere tips, die indertijd als een bloederige rode draad door het kunstenparcours liepen, brachten ons alleen maar meer in verwarring. In het kader van ‘De nacht van het Kempens Erfgoed’ zou er eindelijk opheldering komen. Dra zouden we de identiteit van de moordenaar vernemen. Wie doodde Gust Schoen?

Natuurlijk hadden we ook het boek kunnen lezen. Maar we vernamen het toch liever van Jef met zijn Kempens, naar het Turnhouts neigende dialect.

Eén dode was voor Jef genoeg. Daarom had hij de stoelen in de Lakenhal ver van elkaar geplaatst. Bovendien was maar de helft van de toch al schaars aanwezige zitplaatsen bezet. De angst voor ziekte en ander onheil zat er goed in. Er was al genoeg ellende in de wereld.

Wij voelden ons nochtans veilig, zo op onze stoel, bij Jef. In aanwezigheid van deze Sherlock kon ons niets gebeuren. Bloedstollend hoe hij, samen met zijn kompaan Ernest Claes, de Stronthoek-case ontrafelde. Een true crime story bol van intriges, listen en bedrog. Dit alles heel toepasselijk in het decor van het Herentalse Erfgoed anno 1919. Fons Flapoor, Melanie Smoskop, Jakke Vos, ze zaten er allemaal voor iets tussen. Hoe precies? Daar moest Jef soms ook even voor in zijn papieren kijken.

In elk geval, losliggende kasseien zijn extreem gevaarlijk en ideaal als moordwapen.

We hingen een dik uur aan Jefs lippen die deze heerlijke thriller zo begeesterd vertelde alsof hij hem zelf had verzonnen.

Wegens omstandigheden was er geen gelegenheid om bij te komen bij pot en pint. Dus keerden we huiswaarts, goed oplettend voor losliggende kasseien. En we vergaten haast voor even dat er een killervirus op de loer lag.

Jo Lamers

Categorieën
Muziek

Majestoso

Robin Verheyen, solo in de Kapel.

Foto: JLV, hergebruik mag mits Duvel

Vandaag stond saxofonist Robin Verheyen, bekend van zichzelf en van Taxi Wars, solo op de planken van de Kapel in Herentals. Inderdaad, solo, als saxofonist. Gedurfd dus. Robin werkt aan een nieuwe solo-plaat, blijkbaar zonder andere instrumenten, als we de aankondiging mochten geloven.

En dat deden we dus. Zodat we ineens ook kunnen toegeven dat we opnieuw geen titels kennen. Dus gaan we voor de sfeer. Die zat goed. De akoestiek in de Kapel is op zich al een monument en daar kerfde Robin Verheyen een dik uur lang zijn sax in. Een intense ervaring.

Het concert begon met een soort slangenbezweerderstrack die mijn innerlijke cobra liet ontwaken, deed rondspieden in mijn ontzielde brein, om die vervolgens te bedwelmen. Daarna ging het enkel maar bergop. Jazz die zich ontwikkelt terwijl je adem stokt. Muziek die zijn eigen orkest blijkt worden. Het geluid van een blaasriet dat droogt. De ijskast die meebromt in de maat, een koffielepel die op de juiste tel op de grond dwarrelt.

Een sax man die naar adem hapt.

Hoest …

… de ogen gesloten houdt.

Diepe, ruwe, zachte tonen … Robin Verheyen speelt misschien niet virtuoso, hij gaat gewoon voor majestoso. Telkens een nieuw track. Een nieuw geluid. Je voelt Miles David en John Coltrane meeknikken op de melodie. Je hoort achtergronden die er niet zijn, ruisende zeeën, zwoele feesten op Braziliaanse stranden, technobeats in clubs die om 4 ‘s nachts openen. Muziek die ademt.

Een sax heeft een orkest nodig, zegt men dan. Klopt niet, en Robin heeft gelijk. Hij trekt zich er gelukkig niet al te veel van aan. Komt schoon op tijd aan, met een proper hemd aan. Geen praatjes, enkel muziek. Geen welkom, geen bindtekst, en op einde een verlegen ‘dank je’ voor het daverende applaus van een volledig ingepalmd publiek.

Deze cool cat is een rasechte jazz man. Laat die soloplaat maar komen!