Categorieën
Event Muziek

EP Execute_One

Op vrijdag 7 mei om 20 uur stelt Kortsluiting trots de nieuwe EP ‘Execute_One’ voor van Bluenoid. De EP bevat vier tracks, met naast de titel track ‘Execute_One’, de al eerder uitgebracht tracks ‘Submotive’, ‘Trust in Me’ en ‘Sonique’. Goed voor 25 minuten pompende feel groovy techno.

De voorstelling van de EP gebeurt online met een dj-set van Bluenoid op Facebook. Zet de meubels langs de kant, schenk een Max Verstappen in en draai die boxen open. We zijn vertrokken!

Naar het event op Facebook!

Categorieën
Beeldende kunst Event

Tom Woestenborghs

Kunstenaar Tom Woestenborghs, bij ons in de keuken bekend als Woesten Tom, gaat naar de zee. Niet voor een gezellige uitstap, maar voor zijn nieuwe expo ‘Grounded Pulsation’ in galerij CAPS (Oosthelling 8, Oostende). De expo loopt van 20 februari tot 28 maart en is open op zaterdag en zondag van 11 tot 18 uur. De opening vindt plaats op zaterdag 20 februari van 14 tot 18 uur.

We ontvingen een uitstekende perstekst van curator Caroline Van Meerbeek met een kritische en artistieke beschouwing van het werk van Tom. Die was zo uitstekend dat we die gewoon kopiëren.

GROUNDED PULSATION
DE ‘FEMALE GAZE’

IN DIALOOG MET TOM WOESTENBORGHS


The Architect. Een beroep, een dEUS popsong en de titel van één van de werken van Tom Woestenborghs, die ons meeneemt in een intieme scène. Een vrouw, jong, mooi, blond, in zichzelf gekeerd, in gedachten verzonken of op automatische piloot, lijkt zich niet bewust van de voyeuristische blik van de toeschouwer, die haar intieme actie observeert. Zij staat in de privacy van haar eigen badkamer, gekleed in niets meer dan een bronskleurige boxer en een beha, zo transparant dat we haar tepel kunnen zien. We treffen haar net op het moment dat ze zich ontdoet van haar beha. Of kleedt ze zich net aan …

The Architect is overigens niet het enige werk waar Woestenborghs experimenteert met (semi)-naaktheid al dan niet in de privacy van een badkamer. Blue Monday toont ons bijna net hetzelfde beeld: een mooie vrouw reikt verleidelijk lachend achter haar rug om haar beha los of vast te maken, haar gezicht voor het grootste deel onttrokken van de toeschouwer.

In Bathroom Floor ligt een vrouw naakt, de haren nat en de ogen gesloten op de vloer van de douche en Little Narrations Smoke toont ons een aantrekkelijke en zelfverzekerde vrouw, naakt op haar ondergoed na, mijmerend, maar genietend van een sigaret. Deze vrouwen lijken zich niet bewust te zijn van het feit dat ze bekeken worden, noch door een publiek, noch door de kunstenaar.

Wie goed kijkt naar zijn (semi)-naakten, ziet sterke, onafhankelijke vrouwen, zelfzeker en baas over hun eigen narratief. Sekssymbolen? Ja, misschien wel. Onderdanig, passief en ondergeschikt? Zeer zeker niet. De simpele act van het kijken is echter niet gender-neutraal. John Berger beschrijft in zijn boek Ways of Seeing uit 1972 de geschiedenis van de westerse olieverfschilderkunst als een catalogus van onderdanige naakte vrouwen, opgesteld voor het plezier van de mannelijke kijkers.

‘Your gaze hits the side of my face’, vermaant Barbara Kruger in haar werk Untitled uit 1981, waarmee ze verzet biedt tegen de objectiverende blik en verwijst naar feminist en filmwetenschapper Laura Mulvey die in haar beroemde essay uit 1975 Visual pleasure and narrative cinema, de male gaze beschrijft als de manier waarop vrouwen geobjectiveerd worden in Hollywoodproducties. De male gaze kaart een cruciaal probleem van de feministische theorie aan: kunnen vrouwen werkelijk bevrijd worden van de objectivering die de handeling van het bekeken worden met zich meebrengt?

In tijden waarin de MeToo-beweging seksuele intimidatie, gender-ongelijkheid, discriminatie en objectivering van vrouwen aanklaagt, waarin publieke figuren verantwoording dienen af te leggen omwille van grensoverschrijdend gedrag, moeten we ons afvragen of de weergave van vrouwelijk naakt nog relevant is in de hedendaagse (schilder)kunst. Het antwoord op deze vraag is ambivalent, meerlagig, maar zeker ook ontegensprekelijk ‘ja’.

Nooit eerder waren we ons zo bewust van gendergelijkheid, gender fluidity, identiteit, seksualiteit, mannelijkheid, vrouwelijkheid, pornografie, assertiviteit en emancipatie. Ook in hedendaagse beeldende kunst geven kunstenaars als Jeff Koons, Felix Gonzalez-Torres, Yasumasa Morimura, Nan Goldin en oh ja, ook Tom Woestenborghs deze onderwerpen een prominente rol.

50 jaar na Mulvey’s essay, meer dan 50 jaar na de tweede feministische golf en in de schemer van MeToo maakt seksualiteit, naaktheid en pornografie een wezenlijk deel uit van een nieuwe beweging in de kunsten. Kunstfilosoof Petra Van Brabandt introduceert wet aesthetics als een nieuwe schoonheidsleer, een ‘esthetische ervaring van natheid en fluïditeit die een visceraal effect in het lichaam teweegbrengt, uitgelokt door erotiek, spanning, pornografie, zelfbewustzijn…’

Wet aesthetics omarmt seksualiteit in al zijn vormen in de beeldende kunst, maar nooit gaat het om naakt om het naakt. Wet aesthetics onderzoekt de relatie tussen model en kunstenaar, bestudeert de positie van naaktheid en seksualiteit in onze hedendaagse maatschappij en veroordeelt, bekritiseert of bespreekt openlijk waar nodig.

De werken van Tom Woestenborghs sluiten niet alleen thematisch aan bij wet aesthetics, maar ook vormelijk hebben zijn werken een ‘nat’, haast hoogglanzend effect. Hoewel hij zichzelf schilder noemt, bouwt hij zijn werken laag per laag op met zelfklevende tape in kleuren speciaal voor hem ontworpen. Laag per laag creëert hij iriserende werken die herinneren aan de half-doorzichtige lagen uit de barokke schilderkunst en die een unieke formaliteit introduceren in zijn ‘schilder’-kunst.

In Grounded Pulsation, een uitloper van de reeks Artistic Midlife Crisis of a Storyteller, onderzoekt Woestenborghs niet alleen de rol van het naakt, maar keert hij terug naar 3 motieven uit de klassieke schilderkunst: naakten, abstracties en stillevens. Motieven die ogenschijnlijk weinig met elkaar te maken hebben, maar voor Tom horen ze wel degelijk samen.

In het geval van Complementary Abstract Blue Monday is de link met Blue Monday snel gemaakt. Niet alleen zijn de titels haast identiek, maar het lijkt alsof Woestenborghs het beeld van de verleidelijk lachende vrouw in petroleumkleurig ondergoed abstraheert en reduceert tot een haast modernistisch onderzoek van kleur en vorm, gebaseerd op de CMYK-kleuren, die we onderscheiden in beide werken.

Fascist Cake is het meest politiserende en tegelijk meest anekdotische werk op de tentoonstelling. Ze is het directe gevolg van een interview in De Afspraak met N-VA-politicus Peter De Roovere, waar hij de beleidskeuzes van Vlaams minister-president en minister van cultuur Jan Jambon met hand en tand verdedigt en zegt: ,,Ik denk dat de voorbije jaren het gegeven dat kunst schoonheid is, te veel vergeten is. We hadden vroeger kunstenaars die een beter oog voor schoonheid hadden.” En daarmee blijk geeft van een totale onwetendheid van wat hedendaagse kunst eigenlijk is.

Wanneer politici pleiten voor de terugkeer van de ‘schoonheid’, culturele subsidies sneuvelen en een ‘Vlaamse canon’ bestaat uit balletjes in tomatensaus en F.C. De Kampioenen, biedt Woestenborghs een passend antwoord in de vorm van een taart met een krachtige symbolische waarde.

Wat hoort tenslotte meer bij een esthetisch Vlaams smaakprofiel dan een taart, bestreken met de kleuren van het rechtsnationalisme? De taart, in al haar banaliteit, groeit uit tot een krachtig symbool van artistieke revolte, spot en ongenoegen.

Grounded Pulsation toont het werk van een kunstenaar die stevig verankerd staat in de hedendaagse Westerse maatschappij, de vinger aan de (eigen) pols houdt, die kritisch, genuanceerd en geëngageerd een statement maakt tegen de gevestigde waarden en die zijn publiek uitdaagt zijn, haar of hun eigen narratief te ontwikkelen.

Caroline Van Meerbeek

Bronnen
John Berger, Ways of seeing, Penguin Books Ltd, 2008.
Laura Mulvey, Visual pleasure and narrative cinema, Screen, 1975.
Linda Nochlin, Why are there no great women artists?, Ed. By Barbara Moran, Basic books, New York, 1971.
Petra Van Brabandt, To heat by melting, Lezing Kaaitheater, 16.11.2018
CAPS (Contemporary Art Projects) – Nomadic Gallery – http://www.c-aps.bepaul@c-aps.be

“Grounded Pulsation” is mogelijk gemaakt met de hulp van de culturele
activiteitenpremie, departement cultuur, jeugd en media Vlaanderen.

Info: http://www.c-aps.be

Categorieën
Column Event Humor

Parnastival: gedemptevaarststock

Of all the culturele centra in all of the world, I had to walk into ’t Schaliken. Daar werd vorige zondag, in het kader van herinneringsmomenten aan Ruwe Ronald Luyten aka De Witte Stilte de film van het Parnastival, een eendaags muziekfestval uit de Moderne Tijd (1976) vertoond.

Aan die prent over het “Woodstock aan de Gedempte Vaart” heeft, oneer wie oneer toekomt, ondergetekende een piepklein beetje meegewerkt in de vorm van geluidsassistent: de knopkes Record en Play van de cassetterecorder, destijds een staaltje spitstechnologie, op het juiste moment indrukken. Laat nu juist de geluidsband van de film overduidelijk de zwakste schakel van het geheel zijn en (niet alleen, edoch) mea maxima etcetera.

Ruim 70 gemaskerde weemoedigen, voor het merendeel mensen die al vergeten zijn dat ze Abraham/Sarah al hebben gezien, woonden het Evenement bij. Kurkdroge, maar noodzakelijke info: Parnas was een alternatieve jongerenorganisatie die ook (wereld-)winkel speelde en die mede werd opgericht door voormelde Ruwe en regisseur Mark Pelsmakers.

De “Pels” al een kwarteeuw niet meer onder ons, was met Parnastival aan zijn langspeelfilmdebuut toe en dat zie je dan ook. Na de eindgeneriek deelde mijn volautomatisch notitieboekje het volgende mee: de film volgt de voor concertprenten geijkte chronologische formule (het idee, de opbouw, de uitvoering, de aftermath) niet en dat komt de cohesie niet ten goede, het schrijnend gebrek aan beeldmateriaal wordt opgevuld door leuke, maar niet ter zake doende Dikke en Dunne-fragmenten, het idee van synchroniciteit tussen beeld en klank wordt constant uitgelachen, de namen van de bands zijn (bewust) altijd verkeerd, de humor is nog meer belegen dan mijn oude kaas en het feit dat het zonlicht die dag wel erg fel scheen is nog geen reden om gedurig het overbelichte op te zoeken.

Het meest opmerkelijk is de volslagen afwezigheid van wel gesprek/interview dan ook. Zou nochtans leuk zijn geweest, bedenk ik me dan. Het geheel baadt in een (toegegeven: tijdsgetrouwe) sfeer van plezante alternatievelingen op zoek naar bevestiging van hun alternativiteit. Dus? “Een interessant tijdsdocument” aldus galerijhouder en Stormram G.V. – die er een gewoonte van heeft gemaakt het nooit met mij eens te zijn. De nimmer om een eigengereid oordeel verlegen Jackie (die van de frituur vroeger) stelde onweerlegbaar: “Rommel, maar wel plezant om zien”.

Nu moet U weten: het tijdsgewrocht in kwestie was er een van de “tegencultuur” (later door de heer Jambon etymologisch misbegrepen) en de strijd van de Jonge Intellectueel tegen Het Gezag, bij voorkeur belichaamd door BOB’ers in uniform, ijverig zoekend naar “verdovende drugs” bij het “langharig werkschuwtuig”. Een cliché, maar één met groot waarheidsgehalte. En dus gold het adagium: if you’re going to Parnastival, be sure to wear etcetera. En daar begint mijn hippiesandaaltje te knijpen. I never believed in flowers, tenzij die “du mal” en die van “le malheur”.

Veel dichter bij wat ik mijn Lebensempfinden noem (hoe noem je zo’n beestje?), kwam ik amper één jaar na Parnas: een optreden van The Clash in Leuven en van Joy Division in Antwerpen en Ukkel. Het festival van “de levensvreugde” beperkte de vreugdemomenten tot seks, bier, dans, wiet, blues en, jakkes, het zachtere akoestische gitaarwerk. Natuurlijk zal ik dat als 17-jarige als een orgelpunt beleefd hebben, maar door de tweede visie ooit van de film overtuigt mij dat ik ofwel erg naïef ofwel zo zot als een orgel(punt) was.

De échte reden is, vrees ik, volgende tussentitel: NOSTALGIE IS NIET MEER WAT HET GEWEEST IS. Anders gezegd: le passé raakt mijn kouwe kleren niet meer, en “alternatief” durf ik al jaren niet meer te zijn in tijden van volle vermainstreaming en verkleutering. Leve de saaiheid, luidt mijn motto, en veel mensen vinden mij de verpersoonlijking ervan! Echter!! Daags voor het festival heeft de auteur van dit langdradig stuk een moment van transcendentale schoonheid beleefd, zo mooi dat het niet op pellicule kon vastgelegd worden. Na zware arbeid aan het podium (elke lichamelijke arbeid valt mij zwaar) verpoosde ik, zittend in het ondiep van het Kempisch kanaal.

Tussen het sleuren aan de obligate joint door viel mij de vuurrode avondzon op en ging mijn meditatief onderbewustzijn richting Benares (Varanasi heet dat nu). Dat Ganghesgevoel werd nog aangedikt door een voorbijdrijvend koeienkadaver, weliswaar in de vorm van leeg pakje La Vache qui Rit. De diepte van Nietzsches eeuwige terugkeer en Schopenhauers visie van de wereld als wil en (film-)voorstelling, daar had ik in de film toch een ietsepietsie van willen terugzien.

Te vergeven, maar niet de cruciale blunder, bondig samengepakt in de allitererende tussentitel GEEN GLIMP VAN GERDA, GODVERDOMME. Gerda, dat was, om haar naam niet te noemen, Gerda B*ck*rs uit het toen nog als verafgelegen beschouwde Hulshout, een feeërieke verschijning waarop ik mij meermaals letterlijk de tanden hebben stukgebeten (een anekdote die ik uit pure schaamte niet durf te vertellen). Het sneeuwblondje uit Hulshaat had als maten 90, 60 en 90! Nooit begrepen, overigens, waarom zij haar vrienden nummers gaf – ik was wellicht 000.

Swat, ondergetekende heeft de inmiddels 61-jarige (tenzij RIP heeft toegeslagen) GB voor het laatst gezien op, drie puntjes, Parnastival. Daar kreeg ze van mij in ruil voor één schamel bonnetje niet de gevraagde boterham met tahin, maar drie stokbroden, een pot tahin en nog een potje honing toe, kwestie van mijn Freudiaanse aanvalstactiek in origine te richten op het smaaksegment. To cut a very long story short: het brood bracht geen spelen teweeg.

Absoluut oninteressant om weten, maar ik zeg het toch, is hoe raar het lot toch is: GB kwam twee dagen voor de filmvertoning nog ter sprake bij een als dialoog vermomde monoloog van mij met een ex-dorpsgenote van haar, bekend als de eerste helft van de Annemiekes. Zij beloofde plechtig het script uit te werken van mijn volgende film, Whatever happened tot Gerda Beckers? In de Parnastivalfilm komt zowat iedereen in beeld, maar mijn (gewezen?) natte jeugddroom niet en ik, God save the Queen, gelukkig evenmin. En met één still, één stilleven van Gee had mijn filmhonger gestild geweest en kon ik Hametiaans afsluiten met: de rest is still(te). Nee, dus. Interessant tijdsdocument, dus. Vol levensvreugde, dus. Alsof die de jongste decennia al niet genoeg van de pretzenders spat.

FanOfGodSpeed

Categorieën
Event Literatuur

Reservatie

Een dode in de stronthoek

Vrijdag 23 oktober – zaterdag 24 oktober 2020
Telkens om 20 uur
Lakenhal, Grote Markt, Herentals

VOLZET

Corona

  • ontsmet je handen bij aankomst
  • de stoelen staan per ingeschreven bubbel, op voldoende afstand
  • je moet een mondmasker dragen tijdens de voorstelling
  • geen drank of voeding
  • geen pauze
  • kom niet als je je niet goed voelt

We wachten de verdere beslissingen af en zullen die opvolgen. Ik begrijp het ook wanneer je niet naar de voorstelling zou komen. Daarom komt er een van de dagen ook een podcast uit van het verhaal, zodat je ook thuis in de zetel of tijdens het joggen kan luisteren.

Over wat gaat het?

Gust Schoen, een rijke schoenmaker in de stad, wordt na een nacht kaarten met een ingeslagen hoofd teruggevonden achter de markt, waar de koeien wachten om verhandeld te worden. De jonge Ernest en zijn schoolkameraad gaan op zoek naar de dader van deze gruwelijke moord. Onderweg maken ze kennis met illustere figuren zoals Gerard Storms, Janneke Smoskop en de ravissante Mie Goris.

Het verhaal speelt zich 100 jaar geleden af in Herentals, met de Lakenhal, het voddenkot, Art Center Hugo Voeten, het Scheppersinstituut en Galerie Storm op de achtergrond.

Ja, ik kom graag naar de voorstelling ‘Een dode in de stronthoek’ op vrijdag 23 of 24 oktober 2020, telkens om 20 uur in de Lakenhal.

Categorieën
Beeldende kunst Event Fotografie Humor Literatuur Muziek Poëzie

OXOtocine coronaproof

OXOT, de sociaal gevoelige kunstenorganisatie uit Westerlo, heeft van het gemeentebestuur van Westerlo toestemming gekregen om haar jaarlijkse OXOT-happening OXOtine te organiseren. De organisatie voldoet aan alle maatregelen in de zogenaamde Covid Event Scan: looplijnen, mondmaskerplicht bij verplaatsingen, zones voor elke bubbel, maatregelen rond hygiëne, handhaving geluidsnormen, …

Het binnenplein biedt zo plaats aan honderd zittende bezoekers. Rechtstaan of tooghangen mag niet. Als u langs komt, dan stelt u vooraf uw bubbel samen. U kunt zitten aan tafels van 2, 4 of 6 personen. Zit de boel vol, dan moet u wachte. Dat kan met een drankje op de binnenkoer van de buren van Westelfolk (merci!), waar het ook aangenaam vertoeven is. Voor het optreden van vrijdag kan je niet meer reserveren, dat is volzet.

Het programma van OXOtocine is zoals elk jaar indrukwekkend: 

Vrijdag 28 augustus

• 20.30u: Vernissage Expo (welkomswoord)
• 21.00u: Poetry: Danny Smolders (huisdichter)
• 21.30u: Bert Joris (trompet), Jos Machtel (bas), Ewout Pierreux (el. piano) & Jesse Dockx (drum) – VOLZET
• 23.00u: Model2020 (jazzy tunes)

Zaterdag 29 augustus

• 14.00u: Start Expo
• 16.00u: The Yummy Mouths (pop)
• 17.00u: Barabanda (Diests percussiegeweld)
• 18.00u: Didi de Paris (spoken word)
• 18.45u: Barabanda (Diests percussiegeweld)
• 20.00u: Dries (singer songwriter)
• 22.00u: Savoir-Vivre (funk & soul)
• 23.30u: Blue man (blue man’s vintage global relaxiness)

Zondag 30 augustus

• 14.00u: Start Expo
• 16.00u: Casus (pop)
• 17.00u: Poetry
• 17.30u: Riquens 16 (rap)
• 18.30u: Erik Vlaminck (leest voor uit ‘Brieven van Dikke Freddy’)
• 19.00u: Spielmann (bluesrock)
• 20.30u: Prijsuitreiking: Kunstwedstrijd OXOt 2020
• 21.00u: Trio Griff (folk)
• 22.30u: Svekke (Svekke’s easy beats & chilly tunes)

Allen daarheen!